{"id":1385,"date":"2013-03-20T11:58:48","date_gmt":"2013-03-20T11:58:48","guid":{"rendered":""},"modified":"2013-03-20T11:58:48","modified_gmt":"2013-03-20T11:58:48","slug":"","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/demet.nl\/?p=1385","title":{"rendered":"Lees hier uitspraak rechter over Yunus"},"content":{"rendered":"<p><span id=\"ctl00_ContentPlaceHolder1_BistroDetailMainControl_detailMain\"><\/p>\n<table style=\"width: 600px;\">\n<tbody>\n<tr>\n<td>\n<table>\n<tbody>\n<tr>\n<td align=\"left\" valign=\"top\">\n<p><span class=\"t_default t_bold h_18\"><font face=\"Arial\">Dit is interessant. De rechter oordeelt dat Yunus terug moet naar zijn biologische moeder. Echter dit wordt door Bureau Jeugdzorg niet uitgevoerd. Enkele jaren later zegt de rechter dat Yunus niet meer terug hoeft naar zijn biologische moeder, want er is te veel tijd verstreken en Yunus spreekt niet meer de zelfde taal als zijn moeder.<\/font><\/span><\/p>\n<p><span class=\"t_default t_bold h_18\"><font face=\"Arial\">Hier een andere uitspraak van de rechter over de zaak Yunus: <a href=\"http:\/\/demetnu.nl\/article_read.php?a=1392\">http:\/\/demetnu.nl\/article_read.php?a=1392<\/a><\/font><\/span><\/p>\n<p><span class=\"t_default t_bold h_18\"><font face=\"Arial\">Copyright by Demet TV<\/font><\/span><\/p>\n<p><font face=\"Arial\"><\/p>\n<hr>\n<p><\/font><\/p>\n<p><span class=\"t_default t_bold h_18\">&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;&#8212;<\/span><\/p>\n<p><span class=\"t_default t_bold h_18\">LJN:&nbsp;BB0880,&nbsp;Gerechtshof &#8216;s-Gravenhage<br \/>\n                      , 876-H-07<\/span><\/p>\n<\/td>\n<td align=\"right\" valign=\"top\"><\/td>\n<\/tr>\n<\/tbody>\n<\/table>\n<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"1\" height=\"6\" src=\"http:\/\/zoeken.rechtspraak.nl\/Shared\/Images\/Layout\/img_spacer.gif\"><\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td>\n<table width=\"100%\" class=\"l_resultSubTable\">\n<tbody>\n<tr>\n<td width=\"110\" valign=\"top\"><span class=\"t_label h_18\">Datum uitspraak:<\/span><\/td>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_default h_18\">12-07-2007<\/span><\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_label h_18\">Datum publicatie:<\/span><\/td>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_default h_18\">09-08-2007<\/span><\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_label h_18\">Rechtsgebied:<\/span><\/td>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_default h_18\">Personen-en familierecht<\/span><\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_label h_18\">Soort procedure:<\/span><\/td>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_default h_18\">Hoger beroep<\/span><\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_label h_18\">Inhoudsindicatie:<\/span><\/td>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_default h_18\">Appel<br \/>\n tegen uithuisplaatsing op korte termijn (bestreden beslissing van 19<br \/>\njuni 2007, in hoger beroep op 12 juli 2007). Beslissing in hoger beroep:<br \/>\n Terugplaatsing van de minderjarige bij de ouders binnen 3 weken na de<br \/>\nbestreden beschikking, doch uiterlijk op 23 juli 2007.<\/span><\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_label h_18\">Vindplaats(en):<\/span><\/td>\n<td valign=\"top\"><span class=\"t_default h_18\">JPF 2007, 145<br \/>Rechtspraak.nl<br \/><\/span><\/td>\n<\/tr>\n<\/tbody>\n<\/table>\n<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td><img loading=\"lazy\" decoding=\"async\" width=\"1\" height=\"16\" src=\"http:\/\/zoeken.rechtspraak.nl\/Shared\/Images\/Layout\/img_spacer.gif\"><\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td><img decoding=\"async\" width=\"100%\" height=\"1\" src=\"http:\/\/zoeken.rechtspraak.nl\/Shared\/Images\/Layout\/img_lijn.gif\"><\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td>\n<table cellspacing=\"0\" cellpadding=\"0\"><\/table>\n<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td>\n<table>\n<tbody>\n<tr align=\"top\">\n<td align=\"top\"><a name=\"tekst_uitspraak\"><\/a><span class=\"t_default t_bold h_18\">Uitspraak<\/span><\/td>\n<\/tr>\n<\/tbody>\n<\/table>\n<\/td>\n<\/tr>\n<tr>\n<td><span class=\"t_default h_18\">GERECHTSHOF \u2018s-GRAVENHAGE<br \/>\n<br \/>Familiesector<\/p>\n<p>Uitspraak &nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;: 12 juli 2007<br \/>\n<br \/>Rekestnummer&nbsp;&nbsp;&nbsp;&nbsp;: 876-H-07<br \/>\n<br \/>Rekestnr. rechtbank&nbsp;&nbsp;: JE RK 06-2197<\/p>\n<p>de Stichting Bureau Jeugdzorg Haaglanden,<br \/>\n<br \/>vestiging Den Haag Zuid\/Rijswijk,<br \/>\n<br \/>kantoor houdende te \u2018s-Gravenhage,<br \/>\n<br \/>hierna te noemen: Jeugdzorg,<\/p>\n<p>tegen<\/p>\n<p>[de ouders],<br \/>\n<br \/>beiden wonende te [woonplaats],<br \/>\n<br \/>verweerders in hoger beroep,<br \/>\n<br \/>hierna te noemen: de ouders,<br \/>\n<br \/>procureur mr. E. Gabrandt,<\/p>\n<p>Als belanghebbenden zijn aangemerkt:<br \/>\n<br \/>[de pleegouders],<br \/>\n<br \/>hierna te noemen: de pleegouders,<\/p>\n<p>Als informant is aangemerkt:<br \/>\n<br \/>de raad voor de kinderbescherming,<br \/>\n<br \/>vestiging \u2018s-Gravenhage,<br \/>\n<br \/>hierna te noemen: de raad.<\/p>\n<p>PROCESVERLOOP IN HOGER BEROEP<\/p>\n<p>Jeugdzorg is op 28 juni 2007 in hoger beroep gekomen van de beschikking van 19 juni 2007 van de rechtbank te \u2018s-Gravenhage.<\/p>\n<p>Van de zijde van Jeugdzorg zijn bij het hof op 6, 9 en 11 juli 2007<br \/>\naanvullende stukken ingekomen. Voorts zijn van de zijde van Jeugdzorg<br \/>\nter zitting aanvullende stukken overgelegd.<\/p>\n<p>Voorts heeft het hof van de rechtbank de stukken uit de eerste<br \/>\naanleg ontvangen en daarvan, met toestemming van partijen, kennis<br \/>\ngenomen.<\/p>\n<p>De raad heeft het hof bij brief van 6 juli 2007 laten weten niet ter terechtzitting te zullen verschijnen. <\/p>\n<p>Op 12 juli 2007 is de zaak mondeling behandeld. Verschenen zijn: de<br \/>\nouders, bijgestaan door hun advocaat, mr. M.N.R. Nasrullah, en hun tolk,<br \/>\n de heer T. Cetinkaya, namens Jeugdzorg: mr. S.L.A. Verburgt, K.S. Wind,<br \/>\n gezinsvoogd, C.F.W. Karssen, gedragsdeskundige en L.M.J. van Dongen, en<br \/>\n verder de pleegouders. Partijen en hun raadslieden hebben het woord<br \/>\ngevoerd.<\/p>\n<p>VASTSTAANDE FEITEN EN HET PROCESVERLOOP IN EERSTE AANLEG<\/p>\n<p>Voor het procesverloop en de beslissing in eerste aanleg verwijst<br \/>\nhet hof naar de bestreden beschikking. Bij deze beschikking heeft de<br \/>\nrechtbank ondermeer de machtiging tot uithuisplaatsing van [de<br \/>\nminderjarige sub 1] en [de minderjarige sub 2], geboren [in]<br \/>\nrespectievelijk 1997 en 2001, hierna te noemen: de kinderen, verlengd<br \/>\nmet vijf weken tot 23 juli 2007.<\/p>\n<p>Het hof gaat uit van de door de rechtbank vastgestelde feiten, voor zover daar in hoger beroep geen grief tegen is gericht. <\/p>\n<p>BEOORDELING VAN HET HOGER BEROEP<\/p>\n<p>1. In geschil is de uithuisplaatsing van de kinderen.<\/p>\n<p>2. Jeugdzorg verzoekt de bestreden beschikking te vernietigen en,<br \/>\nopnieuw beschikkende, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad,<br \/>\nalsnog haar inleidend verzoek tot verlenging van de machtiging<br \/>\nuithuisplaatsing voor de duur van de ondertoezichtstelling toe te<br \/>\nwijzen. <\/p>\n<p>3. De ouders verzetten zich daartegen.<\/p>\n<p>4. In grief I betoogt Jeugdzorg dat de rechtbank ten onrechte heeft<br \/>\noverwogen dat op korte termijn een terugkeertraject dient te worden<br \/>\ningezet en om die reden de machtiging tot uithuisplaatsing slechts voor<br \/>\neen zeer korte duur dient te worden verlengd. Jeugdzorg voert hiertoe<br \/>\naan dat het inzetten van een terugkeertraject ter zitting bij de<br \/>\nrechtbank niet aan de orde is geweest, zodat Jeugdzorg zich daarover<br \/>\nniet heeft kunnen uitlaten. Dat thuisplaatsing aan de orde zou komen,<br \/>\nwas ook niet te verwachten, nu de rechtbank tijdens de zitting van 1 mei<br \/>\n 2007 te kennen heeft gegeven dat een beslissing terzake eerst aan de<br \/>\norde kan zijn, indien de uitkomsten van een zogenoemd FORA-onderzoek<br \/>\nbekend zijn. Dit onderzoek heeft vanwege de weigering van de ouders om<br \/>\nhieraan mee te werken nog niet plaatsgevonden. Gelet op het vorenstaande<br \/>\n heeft de rechtbank Jeugdzorg voor een verrassing gesteld die niet is te<br \/>\n verenigen met de eisen van een goede procesorde.<\/p>\n<p>5. Het hof overweegt als volgt. Nu Jeugdzorg in dit hoger beroep<br \/>\nalsnog haar standpunt betrekking hebbende op een terugplaatsingstraject<br \/>\nop korte termijn naar voren heeft kunnen brengen, behoeft de grief in<br \/>\nzoverre geen bespreking meer.<\/p>\n<p>6. Jeugdzorg betoogt voorts dat, samengevat weergegeven, de<br \/>\nrechtbank ten onrechte heeft beslist om de machtiging tot<br \/>\nuithuisplaatsing niet voor de duur van de ondertoezichtstelling te<br \/>\nverlengen. Jeugdzorg stelt hiertoe dat de noodzaak voor de<br \/>\nuithuisplaatsing nog steeds aanwezig is en dat, gelet op de complexiteit<br \/>\n van de zaak, de rechtbank met haar overweging dat de uithuisplaatsing<br \/>\nop korte termijn dient te eindigen te kort door de bocht is gegaan.<br \/>\nPrimair bepleit Jeugdzorg onderzoek naar de opvoedingskwaliteiten van de<br \/>\n ouders. Subsidiair verzoekt Jeugdzorg het hof een ruimere termijn voor<br \/>\nterugplaatsing van de kinderen bij de ouders te bepalen, bij voorkeur<br \/>\ntot het einde van de termijn van de ondertoezichtstelling.<\/p>\n<p>7. Het hof neemt het volgende tot uitgangspunt en overweging. De<br \/>\nuithuisplaatsing van de kinderen met ingang van 22 december 2004 was<br \/>\ngebaseerd op twee grondslagen: 1. De ernstige vermoedens van<br \/>\nmishandeling van [de minderjarige sub 3], het jongste kind van de<br \/>\nouders, en het risico dat ook de twee andere kinderen aan mishandeling<br \/>\nwaren blootgesteld; 2. De pedagogische onmacht van de moeder in die<br \/>\nperiode. De kinderrechter oordeelt zowel in 2005 als in 2006 in het<br \/>\nkader van de verzoeken van Jeugdzorg tot verlenging van de<br \/>\nuithuisplaatsing dat er door middel van onderzoek uitsluitsel moet komen<br \/>\n over de veronderstelde mishandeling en de pedagogische kwaliteiten van<br \/>\nde moeder (en de vader, die zich vanaf juni 2005 met de moeder<br \/>\nherenigde). Wanneer de kinderrechter constateert dat er in 2006<br \/>\nkennelijk wederom geen enkel onderzoek heeft plaatsgevonden wordt<br \/>\ndaaraan het gevolg verbonden dat de uithuisplaatsing eind 2006 nog maar<br \/>\nmet een korte periode wordt verlengd, namelijk tot 1 mei 2007. De<br \/>\nkinderen verbleven inmiddels bij pleegouders, die in cultureel opzicht<br \/>\nniet aansloten bij de ouders. De bezoekcontacten van de ouders met de<br \/>\nkinderen werden tot een minimum beperkt, waren kort van duur en vonden<br \/>\nonder voor de ouders belastende voorwaarden plaats. Dit, gevoegd bij het<br \/>\n gegeven dat een forensisch onderzoeksrapport uit mei 2005 en de brief<br \/>\nvan [een derde] van 4 januari 2006, waarvan de inhoud de ouders in<br \/>\nbelangrijke mate ontlast voor wat betreft de eerder veronderstelde<br \/>\nmishandeling, pas in april 2007 door Jeugdzorg werden overgelegd, maakte<br \/>\n het naar het oordeel van de rechtbank begrijpelijk dat de ouders het<br \/>\ngevoel hadden dat zij oneerlijk werden behandeld. Waar het hof enerzijds<br \/>\n begrip heeft voor de grote onvrede van de ouders over de wijze waarop<br \/>\nzij de afgelopen jaren door Jeugdzorg zijn behandeld en bejegend, dient<br \/>\nanderzijds in het kader van het voorliggende beroep te worden getoetst<br \/>\nof nog altijd de noodzaak bestaat de kinderen uit huis geplaatst te<br \/>\nhouden.<\/p>\n<p>8. Met betrekking tot die noodzaak overweegt het hof als volgt. Het<br \/>\nhof acht het, gelet op de inhoud van alle overgelegde<br \/>\ndeskundigenrapporten niet aannemelijk dat de ouders [de minderjarige sub<br \/>\n 3], dan wel de twee andere kinderen in het verleden hebben mishandeld<br \/>\nen\/of een zodanig onveilige situatie hebben gecre\u00eberd dat mishandeling<br \/>\nheeft kunnen plaatsvinden. Daarnaast staat de door Jeugdzorg aangevoerde<br \/>\n grond dat de moeder, althans de ouders niet de pedagogische vaardigheid<br \/>\n bezitten om de kinderen, met name [de minderjarige sub 1], de<br \/>\nverzorging en opvoeding te bieden die noodzakelijk is. Het hof stelt<br \/>\nvast dat Jeugdzorg deze stelling niet onderbouwt met recente<br \/>\nonderzoeksgegevens, hoewel de noodzaak tot onderbouwing al meerdere<br \/>\nmalen aan de orde was gesteld door de kinderrechter. Dat de ouders,<br \/>\nnaarmate de tijd verstreek, steeds minder bereid waren om met Jeugdzorg<br \/>\nsamen te werken, kan hen, onder de achteraf bekend geworden feiten en<br \/>\nomstandigheden, waartoe het hof verwijst naar het hiervoor onder<br \/>\noverweging 7 overwogene, niet worden aangerekend. Het verzoek van<br \/>\nJeugdzorg om het onderzoek nu alsnog, onder handhaving van de<br \/>\nuithuisplaatsing, te laten plaatsvinden, acht het hof een gepasseerd<br \/>\nstation. Dit zal tot een vertraging van een terugplaatsingstraject gaan<br \/>\nleiden, die de uithuisplaatsing onomkeerbaar zou kunnen maken, hetgeen<br \/>\nhet hof niet in het belang van de kinderen acht. Daarbij komt dat 1. ook<br \/>\n Jeugdzorg ter zitting heeft aangegeven ervan uit te gaan dat de<br \/>\nkinderen op termijn weer naar huis gaan en 2. uit geen enkel gegeven is<br \/>\ngebleken dat de ouders niet in staat zijn om de kinderen de vereiste<br \/>\nverzorging en opvoeding te geven. De situatie in 2004, die aanleiding<br \/>\nwas voor de ondertoezichtstelling, is hierbij niet maatgevend, nu de<br \/>\nmoeder er toen alleen voorstond en een aantal zeer traumatiserende<br \/>\ngebeurtenissen te verwerken had.<\/p>\n<p>9. Ten aanzien van de termijn van terugplaatsing is het hof met de<br \/>\nrechtbank van oordeel dat de vastgestelde einddatum van<br \/>\nuithuisplaatsing: 23 juli 2007, recht doet aan de belangen van de<br \/>\nkinderen. Ter zitting is gebleken dat de datum haalbaar is, uitgaande<br \/>\nvan medewerking van de ouders, Jeugdzorg en de pleegouders. De moeder<br \/>\nheeft een netwerk van hulpverleners en familieleden om zich heen<br \/>\nverzameld, op wiens steun en hulp zij kan rekenen. De<br \/>\nondertoezichtstelling loopt door en zowel de gezinsvoogd als de moeder<br \/>\nhebben toegezegd met elkaar samen te zullen werken, ook en met name in<br \/>\nde situatie dat de kinderen weer thuis zullen wonen. De moeder heeft<br \/>\ntenslotte blijk gegeven van het vereiste inzicht in de medische situatie<br \/>\n rond [de minderjarige sub 1], doordat zij een voorgenomen vakantie met<br \/>\nde kinderen naar Turkije zal laten afhangen van het medisch advies dat<br \/>\nde deskundige terzake zal verstrekken.<\/p>\n<p>10. De minderjarige [sub 1] heeft een brief aan het hof geschreven,<br \/>\ndie er, kort gezegd, op neer komt dat hij niet terug naar zijn ouders<br \/>\nwil. Hij verzoekt het hof ook hem nog te horen. Het hof acht het niet in<br \/>\n het belang van [de minderjarige sub 1] hem nader te horen. Het hof acht<br \/>\n het begrijpelijk dat een minderjarige, die langere tijd uit huis is<br \/>\ngeplaatst en in die periode slechts sporadisch contact met de eigen<br \/>\nouders mocht hebben, er tegen op ziet terug te keren. Toch is zijn<br \/>\nopvoedingsplaats \u2013 onder de gegeven omstandigheden \u2013 bij zijn ouders. De<br \/>\n mening van [de minderjarige sub 1] brengt daarin geen verandering.<\/p>\n<p>11. Het vorenstaande leidt er toe dat de grieven van Jeugdzorg<br \/>\nworden verworpen en dat de bestreden beschikking dient te worden<br \/>\nbekrachtigd.<\/p>\n<p>BESLISSING OP HET HOGER BEROEP<\/p>\n<p>Het hof:<\/p>\n<p>bekrachtigt de bestreden beschikking voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen.<\/p>\n<p>Deze beschikking is gegeven door mrs. van Leuven, van den Wildenberg<br \/>\n en Tanja-van den Broek, bijgestaan door mr. van Elden als griffier en<br \/>\nuitgesproken ter openbare terechtzitting van 12 juli 2007.<br \/>\n<\/span><\/td>\n<\/tr>\n<\/tbody>\n<\/table>\n<p><\/span><a href=\"http:\/\/demetnu.nl\/uploads\/articles\/6b4b0604.png\" rel=\"prettyPhoto[phpmelody]\"><\/a><\/p>\n","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Dit is interessant. De rechter oordeelt dat Yunus terug moet naar zijn biologische moeder. Echter dit wordt door Bureau Jeugdzorg niet uitgevoerd. Enkele jaren later zegt de rechter dat Yunus niet meer terug hoeft naar zijn biologische moeder, want er is te veel tijd verstreken en Yunus spreekt niet meer de zelfde taal als zijn [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":1,"featured_media":0,"comment_status":"closed","ping_status":"open","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"fifu_image_url":"","fifu_image_alt":"","footnotes":""},"categories":[2],"tags":[],"class_list":["post-1385","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-nieuws-artikelen"],"aioseo_notices":[],"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/demet.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/1385","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/demet.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/demet.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/demet.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/users\/1"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/demet.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcomments&post=1385"}],"version-history":[{"count":0,"href":"https:\/\/demet.nl\/index.php?rest_route=\/wp\/v2\/posts\/1385\/revisions"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/demet.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fmedia&parent=1385"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/demet.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Fcategories&post=1385"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/demet.nl\/index.php?rest_route=%2Fwp%2Fv2%2Ftags&post=1385"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}